Beleggen of sparen wat is het beste

Beleggen of sparen wat is het beste

Beleggen of sparen wat is het beste

In grote lijnen zijn er 2 manieren om je geld te laten groeien: sparen en beleggen. Sparen wordt gezien als veilig, maar rijk word je er niet van. Waarschijnlijk zal je spaargeld zelfs aan koopkracht afnemen. Een ander alternatief is beleggen. Beleggen kan veel meer opleveren dan sparen. Het is echter niet geheel zonder risico, maar hoeft ook niet zo risicovol te zijn. Tegenwoordig is beleggen ook niet meer zo moeilijk. Sparen wordt in de regel gezien als veilig, veiliger dan beleggen, omdat je inleg nooit minder kan worden. Je stort geld op een rekening, ontvangt rente en wordt beschermd door het depositogarantiestelsel. Met deze depositogarantie worden spaartegoeden tot een bedrag van € 100.000,- per persoon gegarandeerd. Dus als de bank failliet gaat, krijg je toch tot € 100.000,- terug. Gaat het om een echt grote bank, dan is dat ook nog maar de vraag, maar in beginsel krijg je het dus terug.

Beleggen of sparen wat is het beste

Sparen wordt gezien al een veilige manier om geld te laten groeien, omdat je in beginsel altijd je geld terug krijgt. Wij mensen houden van veilig, dat geeft een goed gevoel. Toch heeft het ook een groot nadeel. Als je spaart ben je afhankelijk van de rente en die rente is vaak vrij laag. Rendement en risico zijn nou eenmaal onlosmakelijk met elkaar verbonden. Spaarrente is door de jaren heen over het algemeen niet meer dan een paar procent.

Sparen voor later

Spaar je voor later, dan is de kans groot dat je het einddoel niet eens haalt. Al je spaargeld boven de € 21.139,- (of € 42.278,- voor fiscale partners) wordt namelijk belast met 1,2% vermogensrendementsheffing. Ook te de geldontwaarding ofwel de inflatie nog mee. De inflatie was de afgelopen 20 jaar gemiddeld 2,2%. Zet dat af tegen een gemiddelde spaarrente van slechts 2,8% in de laatste 20 jaar en je komt over een negatief rendement voor die periode, namelijk:

Rendement = spaarrente 2,8% – vermogensrendementsheffing 1,2% – inflatie 2,2% = -0,6%

(Bron: CBS)

Spaarrente en inflatie

Je spaargeld verliest dus aan koopkracht als de spaarrente na belastingheffing lager is dan de inflatie. Dat houdt in dat je er in de toekomst minder mee kunt kopen dan nu. Ook sparen is dus niet geheel zonder risico’s. Ook al kies je voor beleggen, dan nog is het verstandig om altijd wat geld op een spaarrekening te hebben staan, ongeacht de rente en ongeacht het mogelijke koopkrachtverlies. Op het moment dat je onvoorziene uitgaven hebt, heb je namelijk altijd geld achter de hand waar je direct bij kunt.

Beleggen

Als je gaat beleggen dan koop je effecten zoals aandelen en obligaties. Met aandelen wordt dividend uitbetaald en met obligaties rente. Deze effecten hebben een bepaalde koers (de prijs) die kan stijgen, maar ook dalen. Dat is afhankelijk van vraag en aanbod. Het rendement op beleggen is dus afhankelijk van rente-inkomsten (obligaties) of dividendinkomsten (aandelen) enerzijds en de verandering van de koers (de prijs) anderzijds. Deze koers kan dus winst of verlies opleveren. Daarnaast kan er ook belegd worden in onroerend goed, op de lange termijn vaak de beste investering. Met het beleggen in indexfondsen (trackers) kies je weer voor een wat lager rendement met veel minder risico.

Risico

Hiermee is dus ook meteen het risico van beleggen duidelijk. De koers wijzigt continu. Deze kan stijgen, maar ook dalen. Als het bedrijf waarvan je de aandelen of obligaties hebt gekocht failliet gaat, loop je zelfs het risico dat ze helemaal niks meer waard zijn. Met beleggen loop je dus het risico dat je (een deel van) je inleg niet terug krijgt, dit is vooral een probleem wanneer je geld gaat lenen om te beleggen, zolang het goed gaat is er geen vuiltje aan de lucht, maar bij dalende koersen is er een dubbel probleem.

Hoger rendement

Daartegenover staat echter de kans op een (veel) hoger rendement. Dit onderscheidt beleggen van sparen. Uit cijfers van de laatste 50 jaar (bron: CBS) blijkt dat het rendement op beleggen veel hoger is dan bij sparen, maar: Resultaten uit het verleden bieden geen garantie voor de toekomst.

Beleggen met minder risico

Beleggen gaat altijd gepaard met enig risico als gevolg van de waardeschommelingen. Er zijn echter diverse mogelijkheden om het risico van beleggen zo gering mogelijk te houden. Eéntje daarvan is het zorgen voor een breed gespreide portefeuille van kortlopende obligaties van zeer kredietwaardige overheden en bedrijven. Aandelen, grondstoffen en obligaties van minder kredietwaardige instellingen vormen echter een groter risico en kunnen soms (tijdelijk) fors in waarde dalen.

Het is derhalve belangrijk dat je voordat je gaat beleggen bepaalt hoeveel risico je wilt lopen. Weinig risico (met minder rendement) of veel risico (met kans op veel rendement).

Enkele tips

Als je gaat beleggen, verdiep je daar dan eerst goed in. Lees veel.
Begin met een klein beetje geld.
Beleg alleen geld wat je eventueel zou kunnen missen.
Beleg zelf en laat een ander niet voor jou beleggen, want ook zij willen daaraan verdienen.

You may also like...